AMAVIWORLD

Welke boeken werken voor een kind dat niet van lezen houdt?

Een kind dat niet van lezen houdt, heeft meestal niet het verkeerde karakter maar het verkeerde boek gekregen. Korte hoofdstukken, veel wit, een reeks in plaats van een losse titel: wat wel werkt, met concrete titels.

Korte hoofdstukken, veel actie, veel wit op de pagina, illustraties, en een reeks in plaats van een losse titel. Concreet: Geronimo Stilton, Dolfje Weerwolfje, Regels van Floor en Mees Kees werken bij de meeste kinderen die snel afhaken, en strips zoals Dog Man en luisterboeken tellen volwaardig mee.

”Hij is geen lezer” klopt zelden

Dat een kind zegt niet van lezen te houden, betekent bijna nooit dat lezen als zodanig niet bij hem past. Vaker betekent het dat de boeken die hij tot nu toe kreeg, niet aansloten: te dik, te traag op gang, te weinig gebeurtenissen, of simpelweg het verkeerde onderwerp. Een kind dat uren kan opgaan in een game met een duidelijk doel en snelle beloningen, heeft vaak niet minder concentratievermogen dan een kind dat wel graag leest. Het mist een boek dat hetzelfde tempo en dezelfde duidelijkheid biedt.

Dat onderscheid is belangrijk voordat je verdergaat: het probleem zit zelden in het karakter van het kind, en vaker in de mismatch tussen het kind en het boek dat hem is aangereikt.

Wat een boek geschikt maakt voor een kind dat afhaakt

Zes kenmerken maken het verschil tussen een boek dat blijft liggen en een boek dat wordt uitgelezen:

  1. Korte hoofdstukken. Eén tot drie pagina’s per hoofdstuk geeft een kind voortdurend een natuurlijk stoppunt en het gevoel van vooruitgang. Een hoofdstuk van vijftien pagina’s voelt voor een tegenstribbelende lezer als een berg.
  2. Veel actie, weinig beschrijving. Bladzijden vol sfeerbeschrijving zonder gebeurtenis verliezen een kind dat toch al moeite heeft met doorzetten. Iets moet er om de paar bladzijden gebeuren.
  3. Veel wit op de pagina. Korte zinnen, korte alinea’s en ruimte tussen de regels maken een bladzijde visueel minder intimiderend, ook als de hoeveelheid tekst niet veel minder is.
  4. Illustraties. Een tekening om de paar bladzijden geeft rust voor het oog en helpt het verhaal volgen zonder dat elk detail uit tekst moet komen.
  5. Een reeks, geen losse titel. Bij het tweede deel is de wereld en de hoofdpersoon al bekend, wat de instapdrempel van een nieuw boek wegneemt. Dat maakt reeksen aantrekkelijker dan een verzameling losse titels.
  6. Humor. Een boek dat een kind laat lachen, wordt om een andere reden opgepakt dan plicht, en dat is precies wat een tegenstribbelende lezer nodig heeft.

Concrete titels en reeksen

Geronimo Stilton (vertaald uit het Italiaans) is voor 6- tot 12-jarigen gemaakt met korte hoofdstukken en opvallende, kleurrijke typografie: woorden die letterlijk in een andere kleur of vorm op de pagina staan, wat het lezen visueel afwisselend houdt. Dolfje Weerwolfje, door Paul van Loon, heeft hoofdstukken van gemiddeld één tot drie pagina’s en genoeg spanning en humor om vanaf ongeveer 7 jaar te blijven trekken. Regels van Floor (Marjon Hoffman) en Mees Kees (Mirjam Oldenhave) zijn twee Nederlandse reeksen die bewust luchtig en makkelijk wegleesbaar zijn geschreven, met herkenbare schoolsituaties en humor.

Voor kinderen met een leesachterstand of dyslexie is er de reeks Makkelijk & Leuk van uitgeverij Zwijsen, met onderwerpen als voetbal en spionage in eenvoudiger taal, en Shorties van Blossom Books, specifiek geschreven voor jongeren die zich door dikke boeken laten afschrikken.

Strips en luisterboeken tellen volwaardig mee

Een stripboek als Dog Man, door Dav Pilkey, vraagt dezelfde leesvaardigheden als een tekstboek: een verhaallijn volgen, personages onthouden, voorspellen wat er gebeurt. Het enige verschil is de vorm. Voor een kind dat afhaakt bij veel lopende tekst is een strip vaak niet het eindstation maar de opstap naar meer lezen.

Hetzelfde geldt voor luisterboeken. Ze bouwen woordenschat, verhaalbegrip en leesplezier op, ook al oefenen ze niet de technische vaardigheid om woorden zelf te ontcijferen. Een kind dat naast zelf lezen ook luisterboeken hoort, bouwt op twee manieren aan leesplezier tegelijk, en dat is meer waard dan het opgeven van het ene omdat het andere “niet echt lezen” zou zijn.

Een combinatie die goed werkt voor een aarzelende lezer: hetzelfde boek eerst beluisteren en daarna zelf lezen. Het verhaal is dan al bekend, wat het zelfstandig lezen minder inspannend maakt, terwijl het kind toch de leeservaring zelf opdoet in plaats van hem over te slaan.

Wat je als ouder kunt doen naast het juiste boek kiezen

Het boek zelf is de belangrijkste factor, maar niet de enige. Laat je kind zelf kiezen uit een paar opties in plaats van één boek op te leggen: inspraak verlaagt de weerstand al voordat de eerste bladzijde is gelezen. Lees de eerste paar hoofdstukken samen of om en om voor, zodat je kind over de lastigste drempel heen is voordat hij zelfstandig verder moet. En stel geen harde eis om een boek uit te lezen als het na een eerlijke kans toch niet aanslaat: een boek wegleggen en een ander proberen is een teken van goede leessmaak in ontwikkeling, geen falen.

Vermijd ook de vergelijking met broertjes, zusjes of klasgenootjes die wel “gewoon” een dik boek in een middag uitlezen. Die vergelijking maakt lezen tot een prestatie in plaats van een plezier, en dat werkt averechts bij precies het kind dat al aarzelt.

Het cijfer achter dit probleem

De leesvaardigheid van Nederlandse tienjarigen daalde met 18 punten tussen 2016 en 2021 in het internationale PIRLS-onderzoek, en het aandeel dat het hoge niveau haalde, zakte van 48 naar 37 procent. Tegelijk nam het aandeel kinderen dat minder dan een half uur per dag leest toe, van 52 naar 63 procent. Een kind dat minder leest, leest ook minder vloeiend, en een kind dat minder vloeiend leest, kiest sneller voor iets anders dan een boek. Het juiste boek op het juiste moment doorbreekt precies die neerwaartse spiraal.

Verder lezen

Voor het bredere gesprek over voorlezen naast zelf lezen, ook als een kind inmiddels prima zelfstandig leest, staat er een gids over het kantelpunt rond 8 jaar. Voor specifiek korte hoofdstukken om ‘s avonds voor te lezen, is er een gids met voorleesboeken.

Kleurplaten die hierbij horen

Gratis om te printen, voor het rustige moment tussen het buitenspelen door.

Veelgestelde vragen

Waarom leest mijn kind niet graag, terwijl hij het wel kan?

Kunnen lezen en graag lezen zijn twee verschillende dingen. Vaak zit het probleem niet in het kind maar in het boek: te dik, te weinig actie, te veel tekst zonder adempauze. Een ander soort boek, met korte hoofdstukken en veel gebeurtenissen, verandert dat vaker dan een gesprek over waarom lezen belangrijk is.

Zijn stripboeken een volwaardig alternatief voor gewone boeken?

Ja. Een stripboek als Dog Man vraagt dezelfde leesvaardigheden als een gewoon boek: een verhaallijn volgen, personages onthouden, voorspellen wat er gebeurt. Het verschil is de vorm, niet de waarde. Voor een kind dat afhaakt bij veel tekst is een strip vaak de opstap naar meer lezen, niet een eindstation.

Helpt een luisterboek net zo goed als zelf lezen?

Voor het opbouwen van verhaalbegrip, woordenschat en leesplezier wel. Voor de technische leesvaardigheid (woorden herkennen, vlot decoderen) niet, want daar is oefenen met de ogen op de tekst voor nodig. De twee vullen elkaar aan, en een luisterboek naast zelf lezen is beter dan geen van beide.

Wat is een goede eerste boekenreeks voor een kind dat niet graag leest?

Geronimo Stilton en Dolfje Weerwolfje zijn twee bekende Nederlandse voorbeelden: beide hebben korte hoofdstukken, veel actie en, bij Geronimo Stilton, opvallende typografie die het lezen visueel afwisselend maakt. Een reeks heeft als voordeel dat elk volgend deel vertrouwd aanvoelt, wat de drempel om te beginnen verlaagt.